home terug | verder I  buren | overzicht | abc

       
 



Mijn dochter gaat na het ontbijt haar eigen gang.
Ik werk wat in de tuin en maak een praatje met de buurman.



Buren wonen naast, onder, boven of tegenover je.
De ontmoetingen zijn toevallig.
Het contact verloopt eerst oppervlakkig,
soms worden het vrienden, soms vijanden,
sommigen geven je poes af en toe te eten.
Je kunt ze niet altijd mijden.
De grenzen van elkaars terrein moeten duidelijk zijn.

Een slootje in een tuin is een natuurlijke grens
en wordt als zodanig eerder geaccepteerd dan een hekje.
Een boom daarentegen, met haar schaduw, kan een aanleiding zijn voor een conflikt.
Het overschrijden van elkaars grens, fysiek of met bv. geluid of stank,  kan een probleem worden.
Op zo'n moment worden je buren een bedreiging.



De tuin, de natuur, rondom het huis aanwezig, zorgt voor een steeds veranderende omgeving.
Je invloed is beperkt, maar wel aanwezig.
Je kunt teleurgesteld worden, maar ook onverwachte successen boeken.
De natuur is de baas, je leert haar wel steeds beter kennen en bewerken,
maar zij blijft de baas.
Naast de materiele zaken die we beter onder controle hebben, kan dit een prettig gevoel zijn, een soort ontzag.
Natuur is buiten zijn, contact met de elementen, voeten op de grond en hoofd in de lucht.